Juf Marida Prins uit Oosterwolde heeft een van de leukste banen die er is (foto: eigen foto).

De scholen zijn weer begonnen: juf Marida Prins: “Ik heb een van de leukste banen die er is”

Laatste Update: 17.08.2026Door Label: ,

Vandaag gaan de basisscholen na de zomervakantie in het noorden weer open en staat voor veel leerkrachten een nieuw schooljaar vol uitdagingen en kansen voor de deur. Voor Marida Prins (29) uit Oosterwolde is dat extra bijzonder. Na verschillende banen buiten het onderwijs begint ze dit schooljaar voor het eerst met haar eigen groep 4. Een keuze waar ze geen moment spijt van heeft. “Ik heb eindelijk het gevoel dat ik echt iets kan betekenen.”

De weg naar het onderwijs begon voor Marida Prins eigenlijk met een flinke tegenslag. Na de middelbare school wilde ze de academische pabo in Groningen volgen. Kort voor haar eindexamens kreeg ze echter een ernstig mountainbike ongeluk tijdens een groepsuitje met LSV-Invictus uit Appelscha.

De gevolgen waren groot: ze kampte bijna een jaar met chronische vermoeidheid en het herstel verliep moeizaam. “Ik heb uiteindelijk wel mijn examens gehaald en ben aan de academische pabo begonnen, maar ik was pas zeventien jaar en stond ineens voor groep 6. Ik dacht alleen maar: wat ben ik eigenlijk aan het doen? Ik had nauwelijks levenservaring en voelde me nog niet klaar voor een loopbaan.”

Stoppen

Ze besloot uiteindelijk te stoppen met het pabo-deel van de academische pabo, een opleiding waarin de pabo wordt gecombineerd met de bachelor pedagogische wetenschappen. Dat bleek een schot in de roos. “Ik rondde enkele jaren later mijn bachelor af en vervolgde mijn studie met een master onderwijskunde in Nijmegen. Alles wat met opvoeding, ontwikkeling en onderwijs te maken had, bleef mij boeien.”

Na haar studie werkte ze tijdens de coronaperiode bij de GGD als gezondheidsbevorderaar. Na een jaar maakte ze opnieuw een overstap, dit keer naar een consultancybureau, waar ze trainingen over rampen- en crisisbeheersing gaf aan medewerkers van gemeenten en veiligheidsregio’s.

‘Ik miste de kinderen’

Hoewel ze het lesgeven leuk vond, merkte ze dat de inhoud haar niet gelukkig maakte. “Ik stond voor groepen mensen die veel meer praktijkervaring hadden dan ik. Ik vond het begeleiden en uitleggen ontzettend leuk, maar niet aan deze doelgroep. En ik miste de scholen. Ik miste de kinderen.”

Juf Marida Prins uit Oosterwolde voor de klas (foto: eigen foto)

Juf Marida Prins uit Oosterwolde voor de klas (foto: eigen foto).

Sterk gevoel

Het gevoel dat ze niet op haar plek zat, werd steeds sterker. Uiteindelijk besloot ze haar baan op te zeggen, zonder precies te weten wat de volgende stap zou zijn. Een bezoek aan haar nicht Marella in Barcelona gaf uiteindelijk het laatste zetje. “Zij had gewoon de stap gezet om naar het buitenland te verhuizen, zonder baan en zonder huis. Dat inspireerde mij. Ik dacht: waarom durf ik mijn eigen droom eigenlijk niet na te jagen?”

Terug in Nederland typte ze één simpele zoekopdracht in: ‘werken en leren basisonderwijs’. Zo kwam ze terecht bij een zij-instroomtraject. Anders dan veel andere trajecten begon ze niet direct als leerkracht, maar eerst een half jaar als onderwijsassistent. “Dat sprak mij enorm aan. Je hoort ook verhalen van mensen die denken: ik ga het onderwijs wel even doen. Ze beginnen meteen voor de klas en komen erachter dat het toch veel zwaarder is dan gedacht. Ik wilde eerst zeker weten dat dit echt bij mij paste.”

Die twijfel verdween vrijwel direct. “Vanaf de eerste dag wist ik: dit is fantastisch.” Na een positieve beoordeling mocht ze starten met het tweejarige zij-instroomtraject. Ze combineerde werken en leren, bouwde het zelfstandig lesgeven stap voor stap op en draaide mee in bijna alle groepen van de basisschool.

Juf Marida Prins met een van haar leerlingen (foto: eigen foto).

Juf Marida Prins met een van haar leerlingen (foto: eigen foto).

Bevoegdheid

Sinds januari heeft ze haar bevoegdheid op zak. Momenteel werkt ze twee dagen per week in groep 4, één dag bij de kleuters en één dag in een plusklas voor leerlingen uit groep 3 tot en met 8, die extra uitdaging nodig hebben. Vanaf volgend schooljaar krijgt ze haar eigen groep 4, waar ze vijf dagen per week les zal geven. “Daar kijk ik ontzettend naar uit. Nu is mijn werk nog best versnipperd. Het is leuk om veel verschillende groepen te zien, maar het is ook fijn om straks echt een eigen klas te hebben.”

Wanneer Marida vertelt over haar werk, verschijnt er voortdurend een glimlach op haar gezicht. “Kinderen zijn gewoon ontzettend leuke mensen. Ze zeggen de grappigste dingen, verrassen je elke dag en zorgen ervoor dat je zelf ook vrolijk wordt.”

Het is echter vooral het gevoel van betekenis dat haar raakt. “Ik kan soms best somber worden van alles wat er in de wereld gebeurt. Maar als ik in mijn klas bezig ben en ik zie dat ik een kind iets kan leren of kan helpen, sociaal of op school, dan geeft dat enorm veel voldoening. Ik kan de hele wereld niet veranderen, maar ik kan voor die kinderen wel echt iets betekenen.”

Momenten die je bijblijven

Soms merkt ze pas later hoeveel indruk ze maakt. “Laatst was ik aan het hardlopen en ineens hoorde ik: ‘Marida! Marida!’ Dat waren oud-leerlingen die me herkenden. Dat zijn van die kleine momenten die je bijblijven.”

Natuurlijk kent het vak ook moeilijke kanten. “Vooral in het begin nam ik veel mee naar huis. Dan lag ik wakker en dacht ik: had ik dit anders moeten aanpakken? Heb ik wel het juiste gezegd? Zeker als je te maken krijgt met kinderen die het thuis moeilijk hebben, kan dat best binnenkomen.”

Juf Marida Prins helpt twee leerlingen (foto: eigen foto).

Juf Marida Prins helpt twee leerlingen (foto: eigen foto).

Positief gevoel

Toch overheerst voor haar het positieve gevoel. “Er gaat veel aandacht uit naar wat er mis is in het onderwijs. En begrijp me niet verkeerd: er zijn zeker dingen die beter kunnen. Dat herken ik ook. Maar soms heb ik het idee dat het onderwijs wel heel negatief wordt neergezet. Terwijl ik juist wil laten zien hoe ontzettend mooi dit vak is. Ik ben ervan overtuigd dat ik een van de leukste banen heb die er is.”

Juist de diversiteit op haar Haagse school maakt het werk extra bijzonder. “Op onze school worden zo’n 36 verschillende talen gesproken. In mijn klas zitten 29 kinderen die allemaal verschillende achtergronden hebben. Dat maakt het ontzettend leuk. Voor kinderen is het vaak vanzelfsprekend dat iedereen anders is.”

Klaar voor een nieuw schooljaar

Dit schooljaar begint Marida vol enthousiasme aan haar eigen groep 4.Terugkijkend heeft de carrièreswitch haar niet alleen een nieuwe baan opgeleverd, maar ook persoonlijke groei. “Ik ben best perfectionistisch en kan onzeker zijn. Dat zal waarschijnlijk altijd wel een beetje bij mij horen. Maar in het onderwijs leer je ook om te handelen. Er staat een kind voor je en je kunt niet zeggen: ik kom hier over twee uur op terug. Je moet beslissingen nemen en vertrouwen op jezelf. Dat heeft mij enorm geholpen. Voor mij heeft die keuze mijn leven echt leuker gemaakt. Soms moet je gewoon durven kiezen voor iets waar je hart ligt.”